The app for independent voices

Mijn dochter is na lange tijd een werken naar IJmuiden. Achtenveertig uur. Respijtzorg heet dat voor mij. Logeren tegen wil en dank voor haar.

Rusteloos rusten

Het hagelt,

het sneeuwt.

Ik heb je gebracht

je rolstoel mee,

het luchtwisselmatras

zacht leeg.

Je adem

nog warm

in mijn handen.

De bus rijdt terug.

Leeg.

Mijn handen omklemmen het stuur

koud.

Stijf.

Elke bocht langs het

Noordzeekanaal

hapt naar me.

De stilte vult de cabine

als water.

Kruipt in mijn rug.

Mijn schouders.

Mijn oren luisteren

naar het geluid dat er niet is.

Buiten:

hagel trommelt op het dak.

Sneeuw schuurt langs ruiten.

Het natte asfalt ruikt naar winter.

Straatlantaarns glijden voorbij

alsof ze tellen

wat er ontbreekt.

Ik rijd.

Maar een deel van mij

blijft achter.

Bij jou.

Ik herinner me de vorige keer.

De stilte die toen geen rust was.

Hoe ik je moest zoeken

tussen gangen en deuren.

Hoe je lag

in het Spaarne Gasthuis

klein in een groot bed,

je lichaam kwetsbaar,

dat alles in mij rechtop deed staan.

Thuis wacht een leeg huis.

Kamers ademen zonder jou.

Kussens ongeroerd.

Matras stil.

Ik pak dan waarschijnlijk een bord.

Voel het gladde oppervlak.

Voor de magnetronmaaltijd

Voor een persoon

Zet het neer.

Hoor het tikken.

Draai een was die niemand draagt.

Het suizen van de machine

vult iets wat leeg is

maar niet genoeg.

Ik open het autoraam.

Koude lucht snijdt mijn wangen.

Ruikt naar natte sneeuw.

Ik vraag me af:

hoe is het daar voor jou?

Ben je ontspannen?

Voelt het veilig?

Is je lijf rustig vannacht,

of moet iemand waken

zoals ik altijd waak?

Mijn hart klopt

in ritme met de stilte.

Ik rust,

maar niet echt.

Mijn lichaam staat half open,

elk moment een telefoontje verwacht.

Elke kilometer in de lege bus,

elke bewegwijzering,

Amsterdam, Diemen, Weesp,

draagt die dubbele waarheid:

ik laat je los

en blijf bij je.

Ik voel mijn rug tegen de stoel.

Het stuur koud in mijn handen.

Het zachte geruis van banden

op nat asfalt.

Sneeuw als tastbare stilte om me heen.

Elke bocht, elk stoplicht

herinnert me

aan wat er nu niet is.

Ik leef in kleine momenten.

Kou in mijn vingers.

Ritselen van mijn jas.

Tik van ruitenwissers.

Echo van je afwezigheid

zo dicht

dat het bijna aanraking is.

Dan thuis.

Ik stap uit.

De bus zwijgt.

Kamers leeg.

Kussens koud.

Matras stil.

Ik sluit de deur.

Voel de koude klink in mijn hand.

Vloer onder mijn voet.

Leegte staat naast me

als een lijf dat ik ken.

Maar er is ook dit:

je bent daar.

Niet verloren.

Niet alleen.

Dan hoor ik je stem, zacht.

Fluistering:

“Ik ben hier. Alles is goed.

Je hoeft me niet te dragen,

alleen te voelen dat ik er ben.”

Ik adem in.

Adem uit.

De stilte wordt zachter.

De leegte krijgt ruimte

om gedragen te worden.

Ik leer, minuut voor minuut,

dit moeilijke evenwicht:

liefde die waakt

op afstand,

en rust

die rusteloos mag zijn.

Jan 2
at
7:50 PM

Log in or sign up

Join the most interesting and insightful discussions.